Orgel

Het pijporgel is misschien wel het meest indrukwekkende instrument dat er bestaat. Het is tevens één van de oudste instrumenten, dat ook tegenwoordig nog wordt bespeeld. In aanleg bestaat het uit pijpen, hefbomen, toetsen en een luchtaanvoer.

 

Voor elke toets is zijn er een of meerder pijpen. Het orgel bestaat daardoor uit veel pijpen (elke pijp is eigenlijk een fluit), van verschillende grootte, die ieder één toon kunnen produceren. Mechanische balgen zorgen ervoor dat lucht via een kanalen systeem door de pijpen wordt geperst.

Een elektrische ventilator zorgt voor wind in de balg. Met registerknoppen selecteert de speler een reeks pijpen.

Als een toets of een pedaal wordt ingedrukt, gaat de lucht naar de gewenste pijpen. Om thuis te kunnen studeren is het elektronisch orgel ontwikkeld. De toetsen zijn gebleven, echter de rest van de techniek wordt langs elektronische (digitale) wijze opgewekt. Het blijft uiteraard een geweldige belevenis een heus pijporgel te bespelen.

 

Omdat dit (veelal grote) instrument zeer geschikt bleek voor het begeleiden van samenzang in kerkdiensten, heeft het orgel juist daar een grote plek verworven. Dit hoeft echter niet altijd zo te zijn: het pijporgel kom je ook tegen in concertzalen, bergburchten of buiten in de openlucht.

 

Op het MOC kun je terecht voor het klassieke orgelspel. Docent is Peter Eilander. Hij is naast docent zowel kerkorganist als concertorganist.

Docent:

Peter Eilander

 

email:

Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Liever rechtstreeks contact?
Bel 0571-275758